New game
Download
Get Academic Plan
Share game
Fill in the Blanks
Fill in the Blanks

Invuloefening perfectum

Integrate it into your platform

You can integrate the game into an LMS compatible with LTI 1.1 or LTI 1.3 such as Canvas, Moodle, or Blackboard. This way, the scores will be automatically saved into the platform’s gradebook.
Download
You have exceeded the maximum number of games you can integrate into Google Classroom with your current Plan.

To integrate as many games as you want in Google Classroom, you need an Academic Plan or a Commercial Plan.

You have exceeded the maximum number of games you can integrate into Microsoft Teams with your current Plan.

To integrate as many games as you want in Microsoft Teams, you need an Academic Plan or a Commercial Plan.

Downloading games is an exclusive feature for users with an Academic Plan or a Commercial Plan.

Get your Academic Plan or your Commercial Plan now and start integrating your games into your LMS, website or blog.

If you wish, you can download a demo game here and test its integration:

Invuloefening perfectum

Fill in the Blanks

(1)
Played 17

About this activity

Nederlands (NT2)

Created by

Netherlands

Download the paper version to play

Make your own free game from our game creator
Compete against your friends to see who gets the best score in this game

Top Games

%
Anonymous
Anonymous
%
%
%
You have exceeded the maximum number of games you can print with your current Plan.

To print as many games as you want, you need an Academic Plan or a Commercial Plan.

Print your game
Invuloefening perfectum
 

Fill in the Blanks

Invuloefening perfectumOnline version

Nederlands (NT2)

by Bram Haverkamp
1

1 . Gisteren zijn we met de familie naar een restaurant . ( gaan )

2 . Vorige week heb ik mijn sleutels . ( verliezen )

3 . Hij heeft het boek al drie keer . ( lezen )

4 . We hebben een half uur op de bus . ( wachten )

5 . We hebben de hele dag muziek . ( luisteren )

6 . Ik heb mijn vrienden een kaart . ( sturen )

7 . We zijn vorig jaar naar Spanje . ( vliegen )

8 . Ze heeft het huis netjes . ( opruimen )

9 . Hij is gisteren ziek . ( worden )

10 . Ik heb nog nooit sushi . ( eten )

2

1 . Vorig jaar heb ik mijn enkel . ( breken )

2 . We hebben het nieuws op de radio . ( horen )

3 . Hij heeft zijn huiswerk niet . ( doen )

4 . Gisteren heeft ze een schilderij . ( maken )

5 . Ik ben vanochtend vroeg . ( opstaan )

6 . We hebben de kamer mooi . ( versieren )

7 . Hij heeft de hele nacht . ( dromen )

8 . Ze heeft een mooie brief . ( schrijven )

9 . Ik heb de vraag niet goed . ( begrijpen )

10 . We zijn naar huis . ( terugfietsen )

3

1 . Ze heeft de deur . ( sluiten )

2 . Hij heeft het pakket . ( ontvangen )

3 . We hebben de stad . ( bezoeken )

4 . Ik ben gisteren thuis . ( blijven )

5 . Ze hebben een nieuwe auto . ( vinden )

6 . Hij heeft hard om de grap . ( lachen )

7 . We hebben veel foto ? s . ( nemen )

8 . Ik ben te laat . ( komen )

9 . Ze heeft veel vrienden . ( ontmoeten )

10 . We hebben de presentator niet . ( verstaan )

Are you sure you want to leave the page?

If you leave the page, you will lose your game progress.